Leo van den Ende winnaar Oud Westlandprijs 2020

Leo van den Ende is de winnaar geworden van de Oud Westlandprijs 2020. Vanwege de Corona-maatregelen was het onmogelijk een bijeenkomst te organiseren. Daarom werd de prijs op woensdag 25 november tijdens een webinar symbolisch overhandigd. Via deze link is een opname van deze webinar te bekijken.

De voorzitter van de jury dr. Adri van Vliet hield tijdens het webinar een toespraak over de betekenis van het werk van drs. Leo van den Ende. Hij maakte duidelijk dat Van den Ende de prijs heeft gekregen voor de breedte van zijn historisch werk. Hij heeft zich ingezet voor het behoud van bekende Monsterse monumenten zoals de Gereformeerde Kerk, de grafkelder Herckenrath en diverse druivenmuren. Ook heeft hij meegewerkt om archeologische vondsten veilig te stellen.

Sinds 1989 is Leo lid en voorzitter van de redactiecommissie van het Historisch Jaarboek Westland. Als bestuurder is hij actief in het Westlands Museum, het Westlands kunstmuseum en de historische vereniging Monster-Ter Heijde. Hij heeft diverse publicaties op zijn naam staan onder andere over Geerbron en de familie Herckenrath. Onlangs gaf hij eigen beheer de brieven aan Theresia Allebé uit, een telg uit de familie, die in de 19de eeuw Geerbron bewoonde.

Zijn werk kenmerkt zich door uitstekend bronnenonderzoek. Met zijn talrijke populair wetenschappelijke publicaties bereikt hij een breed publiek. De jury koos voor Leo van den Ende uit twaalf voordrachten. In eerste instantie werden uit deze voordrachten unaniem een drietal kandidaten genomineerd. In alfabetische volgorde zijn dit: Jan Willem van den Beukel, Leo van den Ende en Gré Ruigrok

Vervolgens hield de prijswinnaar een korte voordracht over de bewoners van buitenplaats Geerbron. Hij sprak in het bijzonder over luitenant-generaal Antony Pieterson (1658-1722). Deze is begraven in de Nederlands Hervormde Kerk in Monster waar zijn grafmonument nog steeds een prominente plaats inneemt. Na diverse eigenaren in de 18de eeuw kwam de buitenplaats in 1801 in handen van de arts en baljuw Gerard Herckenrath. Deze was afkomstig uit Venlo en had in Duisburg medicijnen gestudeerd.

Herckenrath was gehuwd met Alida Millius uit Amsterdam, die familie was van pastoor Gunst van Poeldijk. Vermoedelijk is de familie Herckenrath door deze connectie in het Westland beland. Na het overlijden van Gerard bleef zijn vrouw op Geerbron achter met zeven kinderen. De oudste, Maria trouwde met de Amsterdamse makelaar in granen Jacobus Allebé, de vader van Theresia, en zoon Leon emigreerde naar de Verenigde Staten waar hij zijn vrouw Juliette tegenkwam.

Lezing “Hoveniers van Oranje”

In de 17de eeuw streefden de prinsen van Oranje in de pasvormde republiek der zeven provinciën naar aanzien en prestige. Dat kwam onder andere tot uiting in de aanleg van goed onderhouden tuinen bij hun paleizen en buitenverblijven. Historica Lenneke Berkhout promoveerde vorig jaar aan de Rijksuniversiteit Groningen op het proefschrift “Hoveniers van Oranje’. Zij sprak op 11 november via een webinar voor de leden van het Genootschap Oud Westland. 

De lezing was toegespitst op het paleis Noordeinde, huis ter Nieuburch in Rijswijk, huis Ten Bosch en huis te Honselaarsdijk. Al deze paleizen kwamen in de 17de eeuw in handen van stadhouder Fredrik Hendrik, zoon van Willem en Oranje en Louise de Coligny. Frederik Hendrik spande zich zeer in om deze paleizen en huizen van fraaie tuinen te voorzien, waarvoor hij de beste hoveniers van Nederland aantrok. Hij wilde van zijn verblijfplaats in Honselersdijk een echt jachtslot maken.

De eerste hoveniers van Honselersdijk waren leden van de uit Voorschoten afkomstige familie van Thooren. Vader Gijsbert werd in 1643 opgevolgd door zijn zoon Antonie. ,,Vermoedelijk was hij niet meer staat om fysiek in de tuin te werken’’, zei Berkhout. ,,Hovenier was een vak dat vaak van vader op zoon werd doorgegeven. De hoveniers werden opgeleid aan Nederlandse en buitenlandse instellingen en kregen bij hun aanstelling een acte. Daarvoor moesten de hoveniers bij de domeinraad een eed afleggen dat zij geen giften hadden betaald om de functie te krijgen. De hoveniers verdienden goed, wel 450 à 800 gulden per jaar. Dat was meer dan het salaris van een predikant’ maar de Oranjes waren niet altijd goed van betalen.’’

Niet alleen het salaris was goed. De hoveniers genoten ook uitstekende secondaire arbeidsvoorwaarden zoals gratis huisvesting en gratis brandstof. Daar kwamen nog vrijstelling van lokale belastingen bij en gratis kleding in de vorm van een livrei, een fraaie mantel. De functie had maatschappelijk aanzien hetgeen tot uiting kwam in het bekleden van plaatselijke functies zoals schepen. Het uitvoerend, zware werk in de tuinen lieten de hoveniers over aan loonwerkers. Het telen van groenten was nog belangrijker dan het onderhouden van een siertuin. Uitgangspunt was dat de tuinen zoveel produceerden dat het niet nodig was om groente en fruit op de markt te kopen. Een gevulde tafel met zeldzame groenten en fruit droeg bij aan het prestige van de Oranjes.

De stadhouders schuwden niet om kennis uit het buitenland te halen. De Franse tuinontwerper André Mollet werd aangetrokken om parterres aan te leggen. Hij hield zich bezig met het uitzetten van patronen op de grond en het scheren van de bomen en hagen. Antonie van Thooren leerde van hem het vak waardoor hij vele jaren zelf  tuinen kon aanleggen, die zich kenmerkten door hoge hagen en pyramides. De hagen werden door middel van een stellage onderhouden. Om planten uit warme landen zoals sinaasappels te laten overwinteren werd een oranjerie aangelegd. Boswachters en faisantiers zorgden dat er altijd voldoende gevogelte was zowel voor de sier als voor op tafel.

Overhandiging petitie behoud RK begraafplaats

Op de katholieke gedenkdag van Allerzielen heeft wethouder Piet Vreugdenhil van cultuur een petitie tot behoud van de RK begraafplaats aan de Dijkweg in Naaldwijk in ontvangst genomen. De petitie is duizend keer ondertekend. De helft van de ondertekenaars komt uit het Westland waarvan het merendeel uit Naaldwijk. Vreugdenhil zei dat de voorgenomen ruiming van de begraafplaats hem raakt in zijn ‘culturele hart’. Ook noemde hij de ruiming een juridisch ‘complexe zaak’ waarin hij ook te maken heeft met het parochiebestuur. Hij vindt het van groot belang het oordeel van juristen en rechters af te wachten.

Vreugdenhil gaf de werkgroep behoud RK begraafplaats Dijkweg het advies om het gesprek met parochiebestuur aan te gaan. Korrie Korevaart, van de stichting Terebinth, antwoordde dat de werkgroep reeds met de parochie spreekt over een plan voor het restaureren van de begraafplaats. Zij pleitte voor een gedegen onderzoek naar de historische en monumentale waarde van de begraafplaats en de daarbij behorende fruitmuur aan de achterzijde. De begraafplaats mag niet veranderen in een kaal grasveld dat slechts voor projectontwikkelaars aantrekkingskracht heeft.

‘Buitenplaatsen in het Westland’ ligt nu in de winkels.

Nu de feestdagen er weer aan komen is het belangrijk te weten dat de herdruk van ons prachtige boek ‘Buitenplaatsen in het Westland’ is verschenen en vanaf nu weer in de winkels ligt.

Een uniek cadeau waarmee iedere Westlander kan kennismaken met zijn lokale geschiedenis. 

Buitenplaatsen speelden in het Westland eeuwenlang een belangrijke rol. Het boek beschrijft het ontstaan en de verdwijning van deze buitenverblijven in het Westland. Ook geeft het een antwoord op de vraag welke rol zij gespeeld hebben in de ontwikkeling van de tuinbouw in deze streek. Tot slot bevat het uitgebreide beschrijvingen van achttien buitenplaatsen, die gezamenlijk een beeld geven van de rijkdom van het buitenleven in het Westland. Dit boek won in 2019 de Ithaka prijs.

Verkoopprijs €29,95

U kunt het boek bestellen in de webshop van Genootschap Oud-Westland:

https://oudwestland.nl/winkel/buitenplaatsen-in-het-westland/.  In het Westland wordt het boek na betaling bij u thuisbezorgd.

En bij onderstaande verkooppunten:

  • The Read Shop Naaldwijk
  • Sigarenmagazijn de Wilde Naaldwijk
  • The Read Shop Honselersdijk
  • Primera Brekelmans ’s Gravenzande
  • Bruna Monster
  • Bruna De Lier
  • Primera Wateringen
  • Boekhandel het Keizerrijk Maassluis
  • The Readshop Maassluis (Koningshoek)
  • Boekhandel de Omslag Delft
  • The Readshop Kempers Delft
  • Boekhandel Post Scriptum Schiedam
  • Westlands Museum Kwintsheul

Persbericht Ruiming RK kerkhof Dijkweg te Naaldwijk

Monument van katholiek leven door ruiming graven bedreigd

Het met ruiming bedreigde historische RK-kerkhof aan de Dijkweg in Naaldwijk is een monument van katholiek sociaal leven. Daarom heeft het Genootschap Oud Westland bij de gemeente bezwaar aangetekend tegen de voorgenomen ruiming van de graven. De RK Adrianusparochie heeft een plan ingediend om alle ruim 300 graven te laten ruimen. In de vergunning wordt deze ruiming camouflerend met herinrichting aangeduid. Het opgehoogde deel van het kerkhof wordt tot vlak boven het maaiveld afgegraven, de coniferen worden gekapt. Nabestaanden krijgen tot oktober de tijd om hun grafzerk op te halen.

De geschiedenis van het kerkhof is nauw verbonden met die van de katholieke kerk in Naaldwijk. Tot 1970 werden alle Naaldwijkse katholieken aan de Dijkweg begraven. Nadat de katholieke eredienst vanaf het begin van de tachtigjarige oorlog meer dan 200 jaar verboden was, mocht in 1787 weer een parochie worden opgericht. Tot die tijd werd gebruik gemaakt van een schuilkerk aan de Zwartendijk. De eerste katholieke kerk kwam aan de Dijkweg te liggen. Deze kerk werd in 1870 vervangen door nieuwbouw. Deze intieme kerk was echter slechts een kort bestaan gegund. De toren was niet goed gefundeerd en dreigde los te scheuren van het schip van de kerk. Afbraak was noodzakelijk. In 1931 werd naar de nieuwe Adrianuskerk aan de Molenstraat verhuisd.

Tot dat jaar stond de katholieke kerk precies op de plek waar nu zich de voorhof van de begraafplaats met de Pieta van Albert Termote bevindt. Daarnaast lag de in 2009 gesloopte Pastorie De Harmonie. De robuuste witgepleisterde Pastorie vormde vele jaren de entree van het dorp. De grond voor de dodenakker werd in 1828 door de parochie aangekocht. Pastoor Jacobus Mazza van de Adrianusparochie zegende het kerkhof datzelfde jaar in. Twee jaar later wordt hij zelf op ‘zijn kerkhof’’ begraven. De steen van de uit Amsterdam afkomstige pastoor Mazza bevindt zich nog in originele toestand op het graf.

Priestergraven

De begraafplaats bevat nog een aantal andere beschermingswaardige graven zoals het priestergraf waarin zes priesters hun laatste rustplaats hebben gevonden waaronder enkele bekende pastoors van Naaldwijk zoals 19de eeuwse pastoors Van Dinther en Saagsveld. In de twintigste eeuw kwamen daar Van Lijnschoten, Wierdels en Van den Bergh en de rector van het Martinusgesticht Jac. Vijverberg bij en boer Hofstede, die zijn boerderij en vermogen aan de kerk naliet. Na afbraak van de boerderij werden op zijn grond kerk en pastorie gebouwd. Tevens bevat de kerkhof een zustergraf. Hierin werden de zusters Dominicanessen van Neerbosch begraven, die in Naaldwijk werkzaam waren in het onderwijs aan de RK meisjesschool en de zorg in het Martinusgesticht aan de Dijkstraat.

Op het kerkhof bevinden zich ook twee oorlogsgraven van militairen, die beiden op 10 mei 1940 zijn gesneuveld. De 19-jarige Naaldwijker Jacobus Bronswijk sneuvelde bij de verdediging van vliegveld Waalhaven in Rotterdam en Eduard Michels uit Amsterdam liet het leven nabij het voormalige café De Pet vlakbij de Heenweg. De graven geven een goed beeld van het sociale leven in Naaldwijk. De duurdere familiegraven zijn doorgaans van bekende families uit de middenstand of de tuinbouw. De slagersfamilies Van Leeuwen en Kester beschikten over een familiegraf evenals de schoenenhandel Van Alphen.

Schoolhoofd

Zoon Gerard Kester uit de bekende slagersfamilie werd pater kruisheer. Hij is als missionaris in 1965 in Congo vermoord. ,,Het was een vrolijke opgewekte man’’, weet een oudere Naaldwijker zich nog te herinneren. ,,Ik zie zijn ronde blozende gezicht nog zo voor me’’. Een andere bekende Naaldwijker, die aan de Dijkweg ligt begraven, is schoolhoofd G. Biezeno. ,,Een man, die veel wist en gemakkelijk dingen kon uitleggen’’, zegt een oud leerling. ,,Hij maakte de selectie wie naar een kostschool ging. Twee van zijn zonen werden pater dominicaan. Een zoon verliet het seminarie vlak voor hij gekleed zou worden en werd later hoofdonderwijzer. Hij was getrouwd met onderwijzeres Nel van Giezen. Biezeno sr vervalste in de oorlog persoonsbewijzen en had op zolder 14 à 15 typmachines staan. De man was ontzettend precies. Hij zocht net zolang totdat hij de juiste letters had om documenten te vervalsen.’’

Op de het kerkhof ligt eveneens architect Adriaan Dessing, die vele woningen in Naaldwijk tekende. Een bekend ontwerp van hem is slagerij Van Leeuwen in de Rembrandtstraat. Dessing had een bijbaan als organist in de Adrianuskerk. Een ander bekend fenomeen is Naaldwijk was de religieuze winkel van de familie Braun in de Molenstraat, waarvan Jacobus Braun aan de Dijkweg in Naaldwijk zijn laatste rustplaats vond. ,,Half Naaldwijk had een kerststal van Braun’’, zegt een Naaldwijker uit eigen herinnering. ,,Braun verkocht ook religieuze boeken en beelden.’’ Het gaat het Genootschap echter niet alleen om graven van bekende families. Ieder graf telt. De Kerkhof is een ensemble van het sociale leven van katholiek Naaldwijk in de twintigste eeuw.